bi•bli•o•phi•lia
Geplaatst op 12 oktober 2019 door Ronald Swensson

Honderdduizend suikerzakjes, dertigduizend pennen, twintigduizend T-shirts, ruim tienduizend bierblikjes, zesduizend uilen, vijfhonderd barbiepoppen, bijna negentig paar sneakers en veertien volledig gerestaureerde classic cars. Er wordt wat af verzameld in Nederland. Dat roept vragen op. Al die honderdduizenden Nederlanders die hun vrije tijd besteden aan het speuren naar items voor hun verzameling, waarom doen ze dat? Het kost veel tijd, geld, moeite en ruimte en wat levert het op? Is verzamelen een reactie op een droevig seksueel leven zoals bij wijlen Boudewijn Büch? Of een meer historische reden dat we 'schraapkoorts' noemen? Of heeft het wellicht een filosofische invalshoek omdat het een manier is om onze sterfelijkheid te ontkennen? 

Wij verzamelen boeken. Ons trainingscentrum in Winterberg zit tjokvol boeken (en vaktijdschriften). De ene collectie bestaat uit méér dan negenhonderd business boeken en onze filosofisch-religieuze collectie telt al meer dan vierhonderd titels. Waarom investeren wij zoveel geld, tijd en moeite, terwijl een steeds groter deel van beide collecties op internet terug te vinden is? 

'..habent sua fata libelli', boeken hebben zo hun wederwaardigheden. En dat geldt zeker voor verzamelaars die besmet zijn geraakt met het bibliophilia virus. Onze praeses Jan L. Wage (†2017) was besmet met deze 'schraapkoorts'. In 1954 begon hij met het verzamelen van verkoop- en -managementboeken. In 2001 besmette hij mij met dit virus en in een betrekkelijk korte tijd 'sprokkelde' ik meer dan honderdvijfentwintig verkoopboeken van voor 1940 bij elkaar. En wat in 2012 begon met een kleine collectie filosofisch-religieuze boeken voor de tentoonstelling over de geschiedenis van het voormalige Graafschap Wittgenstein-Berleburg, is uitgegroeid tot een omvangrijke (en kostbare) collectie. 

Wie besmet is met het bibliophilia virus komt er niet snel vanaf en vertoont soms excentriek gedrag. Een paar voorbeelden. De 17de-eeuwse hertog August zu Braunschweig und Lüneburg bracht een schitterende bibliotheek bijeen van 135.000 titels door speciale agenten in te schakelen die in heel Europa boeken voor hem kochten. De belangrijkste (literaire) boekenverzamelaar van de twintigste eeuw, jonkheer Radermacher Schorer, verbouwde zijn woning tot bibliotheek zodat hij de 11.761 'aanwinsten' keurig kon uitstallen. De joodse rentenier Paul Auerbach deed in de jaren dertig van de vorige eeuw iedere dag zijn ronde langs alle Amsterdamse antiquariaten zodat hij geen enkel boek zou missen dat net was binnengekomen. Echt excentriek was ook de Haagse baron van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) die zijn bezoekers in speciale jassen hees waarvan de zakken dichtgenaaid waren, voordat ze zijn bibliotheek mochten bezoeken. En bij uitgever Johan Polak en de al eerder gememoreerde Boudewijn Büch was bezoek ook niet echt welkom, bang dat er 'onverlaten' waren die aan hun kostbare collecties zaten. Of wat te denken van de Amsterdammer Joost Ritman, die bijna het volledige familiekapitaal verbraste aan kostbare boeken en in 2005 een persoonlijk faillissement net kon afwenden doordat de overheid een belangrijk deel van zijn collectie overnam. 

Veroorzaakt het bibliophilia virus dan alleen maar narigheid en excentriek gedrag? Nee hoor, dankzij dit virus zijn er in Nederland museale collecties ontstaan. De kern van de collectie van het Museum Meermanno komt voor een belangrijk deel van de al eerder genoemde jonkheer Radermacher en baron Van Westreenen. De kerncollectie getijdenboeken van de Koninklijke Bibliotheek werd door Joost Ritman in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw opgebouwd. Zo danken de meeste musea (maar ook universiteiten en hogescholen) hun boekencollecties aan het bibliophilia virus. 

Wij kunnen niet in de toekomst kijken maar het lijkt waarschijnlijk dat het bibliophilia virus blijft doorwoekeren - ook bij ons - ondanks de digitale wereld waarin we nu leven. Naarmate boeken meer en meer digitaal worden, zal datgene wat authentiek is, steeds meer waardering krijgen. Internet is de grote gelijkmaker en digitalisering ontdoet een boek van al zijn charme. Iets wat van papier is, is domweg niet te vergelijken met een digitaal bestand. En om terug te komen op de vraag waarom wij ons trainingscentrum in Winterberg volstouwen met boeken, moeten we u het antwoord schuldig blijven...